De misdaad loont. Vol schuld en boete hijstde oude vloek zich in het stalen krijsenvan de treinen die op lijken rijden, heefthem die zij verdroeg een winter lang van niets ontdaan, met herinnering belaagd gestaag, alsof een helse drang in hem of haar zo liefdeloos en leeg, hen scheiden wou en tijd van alle dingen. […]
