Het eiland slinkt en zinkt: de vloed komt op,grijze meeuwen plonzen dood en de zeeis zomp en slop, de stank vult de kopmet alg en rot, een menigte zingt meemet meeuwen krijsend eigen stervenswee.Riolen gapen, geheel en al bevrijdvan lust en energie en wijd en zijdde stilte staat gebenedijd tot zijverschijnt en wonderlijk haar hand […]
Categorie: debuut
mij bereikt een beelddat naar mij reikende is:gebrek aan handen. mij bereikt een lichtdat stralen licht aan mijvergeefs wil geven. mij bereikt een beeldvan mij dat reikende is:dood en duisternis. .
LAIS XXVII
Alleen een hond kan schrijven dat ‘het schrijft’en zich verbeelden dat het een schrijven is,maar zelfs een vlugge schets daarvan verschrijftzichzelf tot wie de echte schrijver is:in wiens verbeelding nog schrijft ‘Het’ LAIS?Ben ik het niet die zich genomen weeten Het bedrogen drager van mijn leed?Blijft zij dan niet voor eeuwig buiten schotterwijl ik Het […]
langdurig gerenderde liefde
het punt dat ik bij kaarslicht toenin jouw gedachten las, was eerderlijn misschien, waarin jij het zienbewonderend ging spiegelen. de pixels licht van toen stralen nudoorheen volslagen duisternis,het zwarte gat waarin verdween: jij, de hond die snurkte, en, gebroken glas, de tere bel van liefde om ons heen. inputtekst (1992) Over het ‘Gedicht van de […]
’t schrijverschap
voor (en door) kamiel choi de laptop warmt op mijn schootik open het veld: zwaai met dadenzoals wij vroeger zwaarbewapendgoden schiepen. buiten raapt een oude vrouw kartonen stapelt het geduldig op een karheur haar is grijze suikerspinzo staat zij daar. cho: ik zie een heilige, verdomd;en: die k is kanker in mijn naam!maar och, hun […]
het weigerde
“In ’t dakraam toen getekend stond: de maan,zijn lach in ’t glas, die schoorsteen daar die vingin’t zwart geschreven klanken van haar naamdie daar voor even in de tijd gelijk geweven hing. Bemerk ook het ontbreken van kleur enin zijn dromen louter droefenis die nacht,en hoe dan ’s morgens de zonneprachtin Het haar licht verspreidt […]
rondeau #2
voor Christine de Pisan van al die dode dichters hier bij mijdie spreken in en door mij heen van al die groten heeft niet een een troostend woord voor mij. in hun boeken, in hun woordenbrijvond ik niets dat mij jou waardig scheenvan al die dode dichters hier bij mij. geen woord van hen klinkt […]
1. mijn zwakte was de woede:ik noemde woede dan maar wee.het werd mij zwaar te moede:mijn noemen werd een zee. 2. de weemoed doet vermoedendat moed de wereld openbaart,maar algen willen woedenwaar de zee haar moed vergaart.
ach lied, mijn liedjij helpt de smartwanneer de rampen raken,jij kan, o lied, de wond in ’t hartde droefte tot geluk vermaken ach lied mijn lied jij laaft de dorstjij blust het brandzwart blaken,jij kan, o lied, de kankerborsten ’t wee daarin doen staken. ach lied mijn liedhet zwijgend natdat rolt nu langs mijn kakenjij […]